Biografie

Over Herman Franke: een romantisch realist

De keuze tussen de brede weg en het smalle pad, waarvan de ene naar het licht en de ander naar de ondergang leidt – het is een bijbels beeld dat Herman Franke op het lijf geschreven lijkt. Zijn schrijverschap staat in het teken van de niet voor de hand liggende keuzes.
In 1992 was hij een gerespecteerd criminoloog aan het Criminologisch Instituut Bonger in Amsterdam. Hij had een succesvol en in het Engels vertaald proefschrift op zijn naam staan, en niets stond het vervolg van een gedegen academische carrière in de weg, maar dat was hem te veilig: ‘Ik was gearriveerd, ik had een naam. Er stond niets meer op het spel. Je gaat van congres naar congres en dan word je op een gegeven moment hoogleraar,’ vertelt hij in een interview met NRC Handelsblad. En toen besloot hij schrijver te worden, of beter: toe te geven schrijver te zijn. ‘Het risico moet groot zijn, anders begin ik er niet aan.’
Het gaat misschien wat ver om in zijn debuut Weg van loze dromen een antiwetenschappelijke beginselverklaring te zien, maar het is duidelijk dat Franke hierin al op zoek is naar andere manieren om de wereld te begrijpen dan de sociologische uit zijn voormalige vakgebied. Weg van loze dromen is een liefdesverhaal over verhoudingen die gecompliceerd worden door de invloed van een negentiende-eeuwse pessimistische filosoof – Eduard von Hartmann. De personages proberen elkaar te begrijpen op basis van wetenschappelijke en filosofische uitgangspunten, maar dat heeft noodlottige gevolgen. Tegen het fin de siècle-decor van wereldwijde ideologische verwarring raken ze in een fascinerend gevecht verwikkeld met zichzelf, het verleden en elkaar.