Nieuws van de nacht

In bed zei ik nog een keer: `sorry'.
`Klootzak'.
Vonne bereed me. Ze gooide haar hoofd naar achteren, waardoor haar borsten zich spanden en zich vrij en ongebonden aan me aanboden. Ze schreeuwde. Ik was even van de wereld en dacht daarna weer dat het een inbreuk was, geen regel. Ze zei: "Ik hou van je".
"Echt?", vroeg ik, want klaarkomen verzwakt een mens.
Ze gaf een bestraffend tikje op mijn lul.
"Echt", zei ze. Ik vond toch dat ze loog.
*
Ik had vrij genomen. Voor Vonne was het een gewone werkdag. Om tien uur kreeg ze haar eerste pianoleerling. Talent was dun gezaaid. Vonne ontleende haar werkplezier aan het handjevol leerlingen dat wel muzikaal was en gretig bleef, ook als de vorderingen minder snel gingen. Ze nam de minder begaafden op de koop toe: de kinderen die moesten van hun ouders en hun handen als lood op de toetsen legden, de ouders die moesten van zichzelf op vage existentiële gronden, de werklozen die het huis wel eens uit wilden en de les vol lulden met treurige GAK-verhalen. Op mijn knieën in de tuin kon ik horen dat ze gewetensvol haar werk deed. Ze liet haar leerling niet ongestoord de riedeltjes herhalen, maar greep om de paar maten in. Ik hield van haar. Ik hield natuurlijk ook van Marieke. Ik stond op en legde mijn armen op de grasmaaier. "Ik heb veel te verliezen", zei ik zacht, mijn gezicht met gesloten ogen naar de zon toegewend.
Vlak bij me waarschuwde een merel tegen gevaar.